13 juli 2015

Rapport Rekenkamer Oost-Nederland over social return

Ik ben blij dat ik geen werkzoekende ben met afstand tot de arbeidsmarkt. Als ik deze discussie vanmiddag aanhoor dan hoor ik een welwillende overheid die mij wil helpen. Mooie woorden zijn er gesproken. Maar dan hoor ik ook van diezelfde overheid uit de mond van o.a. de VVD zeggen, certificaat hier en certificeren daar.


Er is in mijn beleving sprake van een spagaat. Aan de ene kant weten wij het kwaliteitskeurmerk, van welk werk dan ook, heel hoog te leggen. Hier zijn enorm veel mensen mee bezig en dat is op basis van eisen van de overheid en aan de andere kant vinden wij het vreemd dat er mensen op afstand tot de arbeidsmarkt komen te staan.
Dat raakt mij persoonlijk wel. Ik zie gewoon dat er mensen zijn in ons land die heel goed werk kunnen doen als er niet zulke eisen waren.
Ik ben persoonlijk betrokken bij een activiteit  binnen zorgverleningsland. Er wordt prima zorg verleend, maar de papieren zijn niet op orde. En daardoor dreigt het voor deze ondernemer te mislukken.


Wij zijn bezig met een onderwerp als social return. Heel mooi en heel goed ook. Ik onderschrijf de conclusies die de Rekenkamer trekt. En aan de andere kant dienen wij ook heel nadrukkelijk naar onze eigen rol te kijken. Hoe staan wij hier als overheid in?


Wij kijken wel positief naar dit rapport. Een punt wil ik nu alvast aan de orde stellen. Kunnen wij er als provincie niet voor zorgen dat mensen met afstand tot de arbeidsmarkt in werk dat wij als provincie doen, dan denk ik met name aan het natuurbeleid, een plaatsje geven? Wij hebben toch de taak om het beheer van de natuur in onze mooie provincie op orde te houden. Er zouden toch hele mooie arbeidsplaatsen gerealiseerd kunnen worden.

Jan Markink (GS-lid) wil graag deze suggestie nader uitwerken en hierover met de gemeenten, Gelders Landschap en Natuurmonumenten in gesprek gaan.

Hier zijn wij het College van GS heel dankbaar voor. 

K. Ruitenberg